De strijd tussen weegschaal en spiegel

Wanneer je wilt afvallen of op je gewicht wilt letten, zal je meestal gebruik maken van een weegschaal. Door jezelf te wegen kan je immers makkelijk je progressie bijhouden, maar is dit wel altijd de juiste manier? Hoe belangrijk is een goed gewicht, wanneer je niet gelukkig bent met wat je ziet in de spiegel?

 

Ik heb me nooit echt geschaamd voor mijn lichaam, op de schrik na toen ik mezelf zag na mijn vakantie in 2013. Ik viel snel af door gezond te eten en ben sindsdien lang op hetzelfde gewicht gebleven. Rond die tijd heb ik zo goed als afscheid genomen van mijn weegschaal. Een kleine tijdlijn:

  • 2013 – Veel afgevallen in een halfjaar tijd (ongeveer 15 kilo)
  • 2014 – Op gewicht met kleine schommelingen
  • 2015 – Op gewicht met kleine schommelingen
  • 2016 – Een aantal kilo aangekomen (ongeveer 3-4 kilo)

 

 

Confrontatie met mijn gewicht

Een paar maanden terug had ik nieuwe kleren gekocht en die pasten al snel niet meer. Dat was het moment dat ik weer op de weegschaal ging staan. En ja hoor, ik was natuurlijk aangekomen. De stress sloeg lichtelijk toe. Wanneer ik in die spiegel keek zag ik echt geen dikke vrouw, maar iemand die juist fitter en gespierder was geworden. Toch bleef dat nummer rondspoken in mijn hoofd, terwijl ik wist dat dat echt niet nodig was.

 

Back to basics

Ik heb besloten dat ik elke dag met trots in de spiegel ga kijken en ga bedenken wat ik allemaal bereikt heb tot nu toe. Dat ik echt niet te zwaar ben of het niet waard ben. Niemand is perfect. Dat gun ik jullie ook allemaal: zelfliefde. Jij bent de belangrijkste persoon in jouw eigen leven en daar moet je goed voor zorgen. Gooi die weegschaal lekker de deur uit of sta er niet meer dan een keer per maand op. Zie progressie in de spiegel en lach naar jezelf.

 

 

En onthou, echte schoonheid zit vanbinnen. 😀